Richtlijn
Dit overzicht toont alle dossiers voor dit type document.
Beleid bij extravasatie
Er is sprake van een extravasatie wanneer een intraveneus toegediend geneesmiddel (gedeeltelijk) onbedoeld buiten het bloedvat terechtkomt. Afhankelijk van de farmacologische eigenschappen van het geneesmiddel en de aanwezigheid van hulpstoffen in de formulering, kan een extravasatie weefselschade veroorzaken. Het is daarom belangrijk om de kans op extravasaties te beperken, en om in het geval van een extravasatie adequaat te handelen. Er zijn verschillende handelingen die uitgevoerd kunnen worden, evenals het toedienen van antidota. Bij een extravasatie is afstemming tussen verschillende hulpverleners zoals de verpleegkundigen, behandelend arts, (ziekenhuis)apotheker, en waar nodig de plastisch chirurg, van belang.
Advies hybride doseren nivolumab en pembrolizumab
De kaders voor dit advies zijn aan verandering onderhevig door nieuwe wetenschappelijke literatuur en inzicht in de eigen patiëntenpopulatie. Op basis van de lokale situatie zal besloten moeten worden door de behandelaren en ziekenhuisapothekers welk advies (NVMO 2021, NVMO 2022) de voorkeur heeft. Dit advies van de NVZA wordt op dit moment onderschreven door de NVALT, de NVMO heeft aangegeven het eigen advies (NVMO 2022) te onderschrijven.
Liever enterale dan parenterale therapie
Er is steeds meer aandacht voor duurzaamheid in de zorg, waaronder het effect van geneesmiddelen en het gebruik van materialen op het milieu. Een manier om deze impact te verminderen, is het zoveel mogelijk kiezen voor enterale toediening van medicatie in plaats van intraveneuze toediening, met als streven: enteraal als het kan, iv als het moet.
GMP-Z Richtlijn
De GMP-Z is de standaard voor de bereiding in de Nederlandse ziekenhuisapotheek. De GMP-Z geeft waar nodig een interpretatie van of aanvulling op de Europese GMP (zie ook het document: ‘ Achtergrond GMP-Z). Afwijkende onderwerpen worden benoemd als richtsnoer GMP-Z met een eventuele toelichting.